Motivatie

Je kan niet, niet gemotiveerd zijn

Bij het begeleiden van een groeiproces is het weinig zinvol om rechtstreeks in te zetten op de motivatie van leraren. Leraren nuttige kennis aanreiken over bijvoorbeeld de cognitieve voordelen van meertaligheid kan een nuttige opstap zijn. Maar de motivatie van leraren wordt vooral bepaald door het betekenisvol ervaren van de activiteiten en ervaren van behoeften bij leerlingen. Pas dan zullen zij vernieuwende en ongekende zaken inzetten in hun klaspraktijk. 1

“Hoe krijg ik mijn team of enkele leerkrachten gemotiveerd om aan de slag te gaan met de thuistalen van hun leerlingen?” (directie)

Vier gedachten die het verschil kunnen maken

Motivatie is willen

En willen heeft zijn grillen… !
Iedereen is wel voor iets gemotiveerd. Ook als je niet bereid bent om iets niet te doen ben je gemotiveerd. Met name om het niet te doen. Eens de begeleider, de leraar, de coach, de opvoeder dit aanvaardt, kun je er donder op zeggen dat er iets zal bewegen.
Beweging is het centrale woord.

  • In welke richting beweegt een team?
  • Welke principes, overtuigingen en aannames voeden die beweging?

Door een aanvaardende nieuwsgierigheid te hanteren krijg je zicht op de achterliggende drijfveren van mensen. Als je die beet hebt, zullen leerkrachten je zeggen “Voilà, daarom doen wij het hier op die manier!”
Nu heb je zicht op wat mensen beweegt, kun je die motivatie samen aansturen.

Motivatie en moetivatie

Soms verwarren we motivatie met MOETivatie : “we doen het omdat de directie het verwacht of omdat collega’s het ook doen.” Dit blijft zelden duren. De motivatie om talige diversiteit te exploreren (talensensibilisering) en te exploiteren (functioneel veeltalig leren) zal pas groeien wanneer leerkrachten ervaren dat dit zinvol is in hun klaspraktijk. Ze willen zien dat het welbevinden en de betrokkenheid van leerlingen bij het klasgebeuren en het leren verhoogt.

“De anderstalige kinderen bleken niet geïnteresseerd te zijn in Vaderdag en de activiteiten die we daarrond deden. Tot we het gedichtje hadden vertaald. Plots waren ze zeer betrokken en dolenthousiast. Alsof het dan pas betekenis voor hen kreeg.” (kleuterleidster, peuterklas)

Bekijk ter illustratie het filmfragment: Versje voor Vaderdag.

Als coach is het de kunst om specifieke topics te identificeren bij leraren die ze als relevant ervaren. Probeer om hierbij aan te sluiten en inspirerende activiteiten aan te reiken die leraren kunnen uitproberen in de klaspraktijk. Wanneer leraren zien dat dit positief uitdraait, biedt dit aanknopingspunten om hen verder te ondersteunen in het exploreren en exploiteren van talendiversiteit.

Intrinsieke en extrinsieke motivatie

Eenvoudig gezegd: motivatie kan van binnen uit en van buiten uit komen. Motivatie die van binnen uit komt, kan sterk zijn. Toch moeten we extrinsieke motivatie niet minachten. Ze kan net zo nuttig zijn om de dingen in beweging te zetten. Als we de motivatie loodsen van buiten naar binnen, dan kan die blijven zijn en sterk worden. Blijft de motivatie extrinsiek dan is de kans groot dat ze aanwezig blijft tot de druk weg valt.

“Onze directie verplichte ons om een activiteit uit te proberen. Ik verwachte er eigenlijk niet zo veel van. Ik koos ervoor om de activiteit Ritme, rijm & rap uit te proberen. Alle kinderen waren enorm enthousiast. De anderstalige kinderen waren trots op hun extra talenkennis. En ik leerde een nieuwe kant van mijn leerlingen kennen. Het zette opvallend de anders zo stille kinderen in de kijker. Sommige Vlaamse kinderen werden zelfs wat treurig omdat ze zelf geen andere talen kenden.”(leerkracht van het 5de leerjaar)

Enkele belangrijke tips

Zorg voor autonomie

Voorzie keuze tussen verschillende zaken die leraren kunnen uitproberen. Leraren moeten zelf kunnen beslissen hoe snel ze willen gaan en welke stappen ze willen zetten. Daag leerkrachten voortdurend uit om zelf beslissingen te nemen. Dan kun je hen er straks ook op aanspreken.

Creëer verbondenheid

Laat leerkrachten samen of apart (maar gelijktijdig) zaken uitproberen en in teams bespreken. Zo discussiëren ze over hun ervaringen en de impact op zichzelf en hun leerlingen. Op deze manier kunnen ze een gedeeld leerproces doorlopen, leren van elkaar en hun ervaringen verdiepen. Door met een zelfde thema bezig te zijn groeien ze naar elkaar toe en krijgen ze voeling met elkaars stijl.
Ondersteunde informatie over observeren, feedbackgesprekken en hospiteren kan je vinden in deze begeleidingsfiche:Observeren, feedbackgesprek en hospiteren

Aanvullend kan je ook interessante informatie vinden in de begeleidingsfiche: Intervisie

Werk aan competenties

De motivatie van leraren om nieuwe zaken uit te proberen in de klas hangt samen met de mate waarin ze zich deskundig voelen. Geloven ze dat ze over de capaciteiten beschikken om dit te doen? Om dit geloof te laten groeien, hebben ze nood aan bevestiging, inzicht in het traject, ruimte voor eigen inbreng en vooral kennis van zaken en ruimte om vaardigheden in te oefenen. Een schoolteam kan zich pas bekwamen in het benutten van de talige diversiteit als er een belangrijke voorwaarde vervuld is: alle leden van het schoolteam begrijpen de onderliggende theoretische uitgangspunten omtrent het inzetten van die talige diversiteit. Pas als elk teamlid de mogelijke voordelen van het inzetten van talige diversiteit kent, zullen zij die kennis ook omzetten naar hun praktijk. Met andere woorden: het versterken van de kennis en vaardigheden is een waardevolle ingang om het competentiegevoel en de motivatie van leraren te verhogen.

Aansluiten

Het devies is hier: "enten op wat reeds is." Zoals je bij het enten een tak laat aangroeien aan een boom, zo ga je best te werk bij het aansturen van een beleid.

  • Hoe sluit je aan bij wat de leerkrachten reeds (goed) doen?
    Om dat te kunnen moet je bereid zijn om de bestaande boom goed te leren kennen. Zo kom je er van zelf achter op welke plek je jouw tak kan laten aangroeien.

Motivatie van de coach

Zoals je bewust omgaat met de motivatie van de teams, zo ook moet je bewust zijn van je eigen motivatie. Het helpt als je weet wat jou motiveert en wat die wil beïnvloedt. Onderken dat je niet altijd en overal even gemotiveerd bent en deel die kwetsbaarheid met je teams. Dat werkt motiverend.

Vragen uit de praktijk

Mijn team ziet hier de meerwaarde niet van, wat nu?

De Stadsmus, een beschrijving

In de school ‘de Stadsmus’ ziet een deel van de leerkrachten het belang van het inzetten of benutten van talige diversiteit niet in. De directie verplicht alle leerkrachten om een activiteit uit te proberen uit het luik ‘Inspiratie’ en hierover een reflectieverslag te schrijven. De meeste leerkrachten stellen vast dat de activiteiten die ze uitproberen een positieve invloed hebben op de betrokkenheid van leerlingen. De directie stelt voor om bij aanvang tweewekelijks een activiteit uit te proberen en op de teamvergaderingen te bespreken. Geleidelijk aan groeide de motivatie onder collega’s om talige diversiteit te waarderen en zoveel mogelijk te benutten.

Wat werkt?

  • Effectief leiderschap als motor. Gesteund of gestimuleerd worden door de directie is vaak een doorslaggevende factor in het opzetten van groeiprocessen.
  • Inzetten op kleine ingrepen. Kleine, doordachte acties bieden veel kans op succeservaringen voor leerkrachten en leerlingen. Meer informatie hierover kan je vinden bij ‘Strategieën’

Hoe kan ik werk maken van meertaligheid, als ik geen anderstalige leerlingen heb?

De Wasbeer, een beschrijving.

‘De Wasbeer’ is een school aan de rand van de stad. De leerlingenpopulatie bestaat voornamelijk uit Nederlandstalige leerlingen. De leerkrachten zien niet onmiddellijk hoe ze talige diversiteit op een zinvolle manier een plaats kunnen geven in hun klaspraktijk. De leerkracht van het vierde leerjaar ziet wel wat in het uitwerken van een les rond dialecten.

Wat werkt?

  • Ingang zoeken in bestaande lessen of activiteiten.
    Zoek samen naar verschillende mogelijkheden om te vertrekken vanuit bestaande lesactiviteiten. De drempel voor leerkrachten is dan kleiner om iets nieuws en niet vertrouwd uit te proberen. Meer informatie hierover kan je vinden bij ‘Strategieën’
  • Zoeken naar activiteiten die zinvol en functioneel zijn voor de leerlingen en leerkrachten.
    Taal in sociale media, taal en sport, taal en cultuur, de geschiedenis van de taal,… Er zijn tal van invalshoeken die én aansluiten op het curriculum én behoren tot een open talenbeleid. Meer informatie bij ‘Krachtige leeromgeving: Betekenisvolle taken’
  • Ervaringen delen met je collega’s.
    Horen hoe een ander de dingen aanpakt, beleeft, bekijkt,… levert tal van voordelen op. Soms geeft het erkenning, soms herkenning. Je leert stelen met je oren en ogen. Je zoekt samen naar wat (nu) kan werken. Een vooral, je geraakt op elkaar afgestemd. Meer informatie bij ‘De school: Leren van elkaar.’

Mijn team is niet gemotiveerd, wat nu gedaan?

De Vlinder, een beschrijving.

‘De Vlinder’ is een school waar 99% van de kinderen een andere thuistaal heeft dan het Nederlands. De thuistalen van die leerlingen krijgen momenteel geen plaats op school. Er is een sterk enkel-Nederlands beleid. Aanvankelijk is er in ‘de Vlinder’ veel weerstand om talige diversiteit een kans te geven. Het leerkrachtenteam heeft weinig vertrouwen in de vaardigheid van de leerlingen om hun thuistalen te gebruiken op school. Toch zijn er twee leerkrachten bereid om enkele activiteiten uit de het luik ‘Inspiratie’ uit te proberen. Deze leerkrachten kregen de volle steun van het schoolbeleid en worden door het kernteam en een Validiv-valorisator ondersteund in het uitvoeren van meertalige activiteiten in de klas. De positieve ervaringen van deze leerkrachten en vooral de enthousiaste reacties van de leerlingen vinden weerklank in het kernteam. Dit werkt als een olievlek. Om de ervaringen vast te leggen en uit te wisselen, maken leerkrachten een korte neerslag over gedane activiteiten.

Neem ter inspiratie onderstaand reflectieverslag eens door:
Een voorbeeld van een reflectieverslag

Wat werkt?

  • Begin klein, denk groot. In dit praktijkvoorbeeld zou het verleidelijk zijn om je tanden stuk te bijten om de houding van het team te veranderen. Door aandacht en ruimte te geven aan een klein deel die mee wil in je verhaal gaat de bal toch aan het rollen. Uiteraard is de steun van het beleid hier essentieel.
  • Ondersteun leerkrachten in hun zoektocht naar een (soms) nieuwe rol.
    Dit kan door een interne of externe coach, een kernteam of een goede tandem van twee collega’s. Van zodra leerkrachten voelen dat ze er niet alleen voor staan, is er veel mogelijk. Zeker als ze rugdekking krijgen van de directie. Meer informatie bij ‘De school: leren van elkaar’